Terugblik op 10 jaar Focus Brugge - Beschouwingen van een partner

 

We schrijven 1 mei 1998. Focus Brugge opent haar deuren als 'dienst zelfstandig wonen voor personen met een fysieke handicap' en is daarmee de tweede dienst in West - Vlaanderen. Een jaar eerder zorgde de vzw Fokus exploitatie voor een primeur in Kortrijk.

De dienst in de Watervlietstraat was de kroon op het werk van het bestuur van de vzw dat gedurende meer dan 15 jaar het pad effende om dit project te realiseren. Het lijkt mij gepast om het bestuur dat zich tot op vandaag nog steeds belangeloos inzet voor de verdere uitbouw van Focus Brugge, welgemeend te bedanken!


Wie waren de betrokken partijen en vooral, hoe keken zij tegen deze relatief nieuwe dienstverlening aan?


De instructies voor de kersverse coördinator waren helder en simpel: zelfstandig wonen, dat is zeer eenvoudig: werf personeel aan dat goed is in uitvoerend werk, garandeer 24 uur op 24 een personele bezetting en zorg voor een betrouwbaar en gebruiksvriendelijk oproepsysteem. De rest speelt zich af in de woning van de cliënt binnen de individuele werkrelatie met de assistent. De tussenkomst van een coördinator beperkt zich tot een bemiddeling in geval van een geschil dat niet uitgeklaard geraakt op dit assistent/bewoner-niveau.

Een bezoek aan een paar projecten in andere provincies bevestigde inderdaad deze 'functieomschrijving'.


Ook de bewoners hadden een vrij duidelijk beeld van de ADL-dienstverlening. De meeste kandidaten waren jaren aangemeld op de wachtlijst. Het begrip 'zelfstandig wonen' had lang voor de effectieve verhuis naar de dienst een invulling gekregen. Deze invulling werd gevoed en gedragen door de heersende visie van personen met een fysieke handicap op wat zij verstaan onder een 'geschikte dienstverlening'. De nieuwe woonvorm stond symbool voor de bevrijding van het juk van de instellingen en alle onvrijheden die daarmee samenhangen. 'Zelfstandig wonen' als de ultieme kans om eindelijk 'onafhankelijk' te zijn.

Het was dan ook onmogelijk om over een dienst zelfstandig wonen te praten zonder dat (recht op) zelfstandigheid - automie - respect - onafhankelijkheid - gelijkwaardigheid - privacy - identiteit - individualiteit - opdrachtgeverschap - emancipatie - zelfbeschikking - normaal leven - integratie - ..... maar evengoed (afkeer van ) collectiviteit - rekening houden met... (andere bewoners - acceptatiegrenzen van het personeel) - bedanken en dankbaarheid - hulp vragen - verantwoording afleggen - afhankelijkheid - onderhandelen - ,....in één adem volgden.


Eenmaal opgestart, stelden we vast dat geen enkele partij onbewogen bleef bij het gebruik van deze begrippen. We moesten besluiten dat er geen eenduidige begripsomschrijving bestond. Soms laaiden de emoties rond begripsverwarring erg hoog op. Door die ingewikkelde communicatie had niemand nog het gevoel begrepen te worden.


Hoe moet je begrijpen dat handelingen en processen die voor jou als personeelslid heel 'normaal' zijn zoals het overleggen met collega's, het gebruik van tiltoestellen of beschermingsmateriaal tijdens de verzorging, een vraag aan een bewoner om rekening te houden met iets of met iemand, het spontaan aanbieden van hulp of een goede raad, .... door sommige bewoners bestempeld worden als 'boven het hoofd beslissen - onrespectvol gedrag - schenden van de privacy en/of het beroepsgeheim - stigmatiseren - betuttelen - inmenging in de persoonlijke levenssfeer - .... '


Hoe moet je begrijpen dat zaken die voor jou als bewoner heel normaal zijn zoals de inrichting van je woning, de plaatsing van meubels en tapijten, je eigen normen betreffende het onderhoud van je woning en je persoonlijke hygiëne, je individuele gewoonten en rituelen, de invulling van het begrip opdrachtgever, de verwachtingen die je hebt ten aanzien van het personeel dat toch de armen en de benen van de opdrachtgever zijn, .... door het personeel aangevoeld worden als het opzettelijk plegen van obstructie, tegenwerken, ondankbaarheid, het personeel behandelen als een instrument, geen respect opbrengen voor het werk en of de persoon van de assistent, ...


Iedereen probeerde iedereen te overtuigen van zijn 'grote gelijk' maar het leek of we een andere taal spraken. We waren bijna permanent verwikkeld in een Babylonische spraakverwarring. Het wederzijds onbegrip bleef niet zonder effect. Tijdens die prille jaren van ons bestaan hielden heel wat medewerkers het na vrij korte tijd voor bekeken en een aantal cliënten waren ontevreden over de dienstverlening.


Het was duidelijk dat de assistenten, de bewoners en ikzelf op een verschillende manier naar de dingen rondom ons kijken. En toch moesten we met elkaar verder, we zaten met elkaar 'opgescheept', we konden elkaar niet ontlopen, we waren van elkaar afhankelijk.


Het praten over die wederzijdse afhankelijkheid, leidde stilaan tot het besef dat interafhankelijkheid niet iets is om bang voor te zijn. Afhankelijk zijn is niet hetzelfde als 'niemand zijn' of 'minderwaardig zijn'. Afhankelijk zijn, leidt niet automatisch tot een verlies van je identiteit.

Wederzijdse afhankelijkheid hoeft niet te resulteren in een machtsstrijd waarbij de ene de andere onderdrukt of betuttelt. Wederzijdse afhankelijkheid is geen 'vies' woord dat per definitie moet bestreden worden. Integendeel, wederzijdse afhankelijkheid nodigt de partners uit om te gaan samenwerken.


Dit besef ligt aan de basis van een overlegmodel dat wij tot op vandaag nog steeds hanteren in de relatie die wij met elkaar hebben met oog op het realiseren van de opdracht van Focus Brugge.

We vinden het heel belangrijk dat deze samenwerking gebeurt op basis van gelijkwaardig partnerschap. Zoals wij het zien, is gelijkwaardigheid tweeledig : enerzijds is er het besef dat iedereen verschillend is, anderzijds is er de overtuiging dat verschillen tussen mensen nooit een basis kunnen zijn voor het toekennen van meer of minder rechten.

We verwachten niet langer van elkaar dat we hetzelfde zien of dat we elkaar volledig begrijpen. Op zich is dat reeds een hele opluchting! Wat we wel verwachten is dat iedereen die bij het overlegmodel betrokken is, een inspanning levert om er achter te komen hoe de ander tegen de dingen aankijkt. Geïnteresseerd zijn in het perspectief van de ander en respect opbrengen voor dat perspectief, ook al begrijp je er niets van, is een absolute noodzaak.


Dat is de theorie maar hoe brengen we dit in praktijk?

In plaats van een lijst te hanteren van wat ADL-handelingen zijn en wat niet, gaan wij samen op zoek naar het best mogelijke antwoord op de vraag van de cliënt. 'jij vraagt en wij bekijken samen met jou wat er mogelijk is' is de houding die als een rode draad doorheen de dienstverlening loopt. Samen op zoek gaan, is samen onderhandelen. Onderhandelen is geven en krijgen. Onderhandelen is alleen mogelijk als we toelaten dat we elkaar een beetje veranderen. Door voortdurend met elkaar te onderhandelen, zien we er op de duur een beetje anders uit. Omdat IK - 'ik als cliënt' - 'ik als assistent' of 'ik als coördinator' word, zijn we voortdurend bezig met de ontwikkeling van onze eigen identiteit. Uiteindelijk bepalen we met z'n allen het uitzicht van onze organisatie.


De bewoners zijn veranderd, de assistenten zijn veranderd, ik ben veranderd, Focus is Focus niet meer van 10 jaar geleden. We hebben ondertussen ook geleerd om uiterst voorzichtig om te springen met de taal die wij gebruiken. We willen de bewoners en kandidaat bewoners niet in de war brengen door hen een 'onafhankelijk' leven te beloven als 'opdrachtgever' van 'armen' en 'benen'. We willen de medewerkers niet langer de indruk geven dat het gaat om een eenvoudige, louter uitvoerende job...


Als je 't ons vraagt, beloven wij de cliënten een leven in betekenisvolle verbondenheid met ADL -assistenten, een coördinator en een bestuur waardoor zij de mogelijkheid krijgen om hun leven op een persoonlijke manier uit te bouwen. In die samenwerking is de zorgzaamheid voor elkaar van hoogste orde. De partners van die organisatie, bepalen samen hoe Focus Brugge er uit ziet en waken erover dat iedereen die er mee te maken krijgt, zich goed voelt in zijn vel.


Greet